Universiteit Maastricht verbiedt lezing door Joodse spreker

Als onderdeel van de lezingenreeks Reclaiming the Narrative, georganiseerd door DUJS (de Nederlandse Unie van Joodse Studenten), werden pro-Israëlische sprekers uitgenodigd om gastcolleges te geven aan verschillende Nederlandse universiteiten. Een van deze lezingen, verzorgd door Shabbos Kestenbaum, stond gepland op 19 mei aan de Universiteit Maastricht. Kestenbaum, oud-student van Harvard University, klaagde deze prestigieuze universiteit – een van de voornaamste centra van anti-Israëlische protesten op Amerikaanse campussen sinds 7 oktober – aan wegens het falen om Joodse en Israëlische studenten te beschermen tegen antisemitische intimidatie en discriminatie. In Maastricht wilde hij spreken over hoe antisemitisme bestreden kan worden met kracht, zichtbaarheid en Joodse trots.

Rawan Osman

De universiteit stelde de goedkeuring van de lezing uit en liet DUJS pas enkele dagen voor het geplande evenement weten dat het college werd geannuleerd, zogenaamd uit “veiligheidsoverwegingen.” Deze beslissing volgde op de gewelddadige verstoring van de lezing van Dr. Rawan Osman in maart. Toen werden Joodse en Israëlische studenten, leden van de Joodse gemeenschap in Maastricht en andere gasten die naar de lezing kwamen, geconfronteerd met relschoppers die probeerden hen fysiek de toegang tot het gebouw te ontzeggen. Zelfs nadat de lezing was begonnen, bleven de demonstranten de bijeenkomst verstoren door op de glazen wanden van de collegezaal te bonzen en antisemitische en anti-Israëlische leuzen te scanderen. Na ongeveer 45 minuten, en zonder enige ingreep van de aanwezige politie of beveiliging, gaf de burgemeester opdracht om de lezing te stoppen en de deelnemers onder begeleiding door de vijandige menigte van de campus te evacueren.

De universiteit ging pas een week later in gesprek met de slachtoffers – Joodse en Israëlische studenten en stafleden. Tijdens deze bijeenkomst weigerde het bestuur in te gaan op vragen over het besluitvormingsproces dat tot de annulering van het evenement had geleid. Wel kondigde het bestuur aan dat er een “onafhankelijk onderzoek” zou worden ingesteld naar de gebeurtenissen. Op verzoek van de Joodse gemeenschap vroeg DUJS om betrokken te worden bij de afbakening van het onderzoeksmandaat, de selectie van onderzoekers en de definities van bevoegdheden – een verzoek dat de universiteit weigerde. Daarmee, zo vonden vertegenwoordigers van de gemeenschap, werd een structurele vooringenomenheid zichtbaar: het onderzoek leek gericht op het indekken van het falen in plaats van op waarheidsvinding of het aanwijzen van verantwoordelijkheid. Toen later bekend werd dat de voorzitter van de commissie een voormalig advocaat was wiens kantoor juridische diensten had verleend aan zowel de universiteit als de gemeente, dat de secretaris een universiteitsmedewerker was, en dat de correspondentie tussen commissie en getuigen inzichtelijk was voor de universiteit, liet de Joodse gemeenschap weten dat zij geen vertrouwen meer had in de onpartijdigheid van het onderzoek en niet langer zou meewerken.

Vier dagen voor de geplande lezing van Kestenbaum kondigde de universiteit een tijdelijk verbod af op “uitgesproken politieke” evenementen met externe sprekers over het Israëlisch-Palestijnse conflict. Opmerkelijk is dat Kestenbaums lezing níét over dat conflict ging, maar over het bestrijden van antisemitisme. Zelfs als men het nieuwe, onduidelijk tot stand gekomen beleid accepteert, valt deze lezing daar niet onder. Ondertussen blijven pro-Palestijnse groepen wél zonder belemmering evenementen organiseren over het conflict, inclusief externe sprekers – zonder enige tussenkomst van de universiteit.

Naar aanleiding van de annulering stelden raadsleden van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) in de Maastrichtse gemeenteraad kritische vragen aan de burgemeester. Zij vroegen waarom de vrijheid van meningsuiting van Joodse studenten werd beperkt en verzochten om een alternatieve locatie beschikbaar te stellen voor de lezing. Hoewel die locaties op de gewenste datum beschikbaar waren, weigerde de burgemeester toestemming te geven. Opvallend is dat diezelfde burgemeester zich onlangs aansloot bij de oproep van zijn Amsterdamse collega voor een hardere opstelling tegen Israël – een lijn die hij sinds het uitbreken van de protesten op 7 oktober consequent heeft gevolgd in zijn houding tegenover de Joodse gemeenschap in Maastricht.

Ondanks de afwijzing van zowel de universiteit als de gemeente besloten leden van de Joods-Israëlische gemeenschap om de lezing tóch door te laten gaan. Na intensief zoeken bood een lokale familie hun woning in het centrum aan als alternatieve locatie. “Toen alle officiële deuren voor ons dichtgingen,” herinnert een van de organisatoren zich, “bleef alleen de solidariteit van vrienden over. En dat maakte alles mogelijk.” Twee uur voor aanvang kregen de deelnemers het adres doorgestuurd. In totaal kwamen 35 mensen samen om naar Kestenbaum te luisteren. Hij gaf een gestructureerde, krachtige lezing over de normalisering van antisemitisme aan universiteiten en hoe Joodse studenten kunnen reageren op toenemend extremisme.

Volgens Kestenbaum “maken universiteiten zichzelf niet veiliger door controversiële stemmen het zwijgen op te leggen – ze maken zichzelf intellectueel armer.” Met verwijzing naar zijn rechtszaak tegen Harvard riep hij studenten op om juridische stappen te zetten wanneer hun rechten worden geschonden. “Als je stem wordt gesmoord: ga naar de rechter!” zei hij.

Een groot deel van zijn betoog ging over de protesten sinds 7 oktober. Hoewel hij het belang van feitelijkheid benadrukte, stelde hij: “Feiten veranderen de publieke opinie niet – verhalen doen dat wel.” Hij moedigde studenten aan om hun eigen verhalen te delen, over hun families, hun verbondenheid met Israël, en hun persoonlijke ervaringen – vooral tegenover simplistische of vijandige verhalen. Hij riep Joodse studenten op zich niet te verbergen, ook al is dat soms makkelijker dan vijandigheid onder ogen te zien. “Een keppel dragen is niet alleen een statement, het is ook een vorm van verzet.” Daarnaast deed hij een oproep aan de Joodse gemeenschap om te investeren in jongerenonderwijs, bijvoorbeeld door reizen naar Israël en Joodse scholen te subsidiëren: “We kunnen niet verwachten dat studenten iets verdedigen wat ze nooit geleerd hebben.”

De avond was meer dan een lezing – het was een krachtig statement over zichtbaarheid, veerkracht en de grenzen van institutionele neutraliteit. Terwijl Nederlandse universiteiten blijven laveren tussen polarisatie en protest, is de vraag niet langer óf Joodse studenten zich onveilig voelen, maar of universiteiten bereid zijn hun zorgen serieus te nemen. Tot nu toe lijken instellingen ervoor te kiezen de agressieve kant te sussen, ten koste van de rechten, veiligheid en stem van Joodse studenten en medewerkers – en onder handhaving van volledige besluitvormingsonduidelijkheid.

Dat de lezing alsnog doorging, is een belangrijk signaal: wanneer instellingen de Joodse gemeenschap niet beschermen of haar rechten waarborgen, zullen de gemeenschap en haar bondgenoten dat zelf doen.

De auteur wil zijn diepe dankbaarheid uitspreken aan de familie die hun huis en hun hart openstelde voor de Joodse gemeenschap van Maastricht.

Avatar photo

אלי ספיר חי בהולנד מלמד באוניברסיטת מאסטריכט מאז 2011. אלי מתמחה בחקר דעת קהל ובניתוח מדיה חברתית וביג דאטה, ופעיל בקהילה הישראלית-יהודית במאסטריכט.

    אהבת? אפשר להשאיר לנו תגובה

    כתובת הדוא"ל שלך לא תפורסם.*

    אתר זו עושה שימוש ב-Akismet כדי לסנן תגובות זבל. פרטים נוספים אודות איך המידע מהתגובה שלך יעובד.